Veel mensen hebben een ongelofelijke bloedhekel aan wielrenners. Volledig terecht overigens, zo lijkt het althans wanneer je ze in grote groepen over smalle wegen ziet razen, gehuld in die felgekleurde, strak zittende wielertenues die weinig aan de verbeelding overlaten. Het zijn vaak niet eens de meest atletisch ogende figuren, eerder types waarvan je je afvraagt hoe comfortabel dat dunne zadel eigenlijk kan zijn. Daar gaan ze dan, licht voorovergebogen op zo’n fragiel ogend fietsje dat meer weg heeft van een technisch experiment dan van een degelijk vervoermiddel. Voor de argeloze weggebruiker oogt het soms bijna komisch, totdat je erachter komt hoe weinig ruimte er nog voor je overblijft. Alsof dat nog niet genoeg is, lijkt een deel van deze rijders ervan overtuigd dat de openbare weg speciaal voor hen is aangelegd. Ze rijden naast elkaar, reageren nauwelijks op getoeter of vriendelijk verzoeken om even achter elkaar te gaan rijden, en wekken daarmee al snel de indruk van arrogantie. Verkeersregels lijken soms optioneel, handgebaren worden sporadisch gegeven en een rood licht wordt hier en daar geïnterpreteerd als een suggestie in plaats van een verplichting. Het is precies dit gedrag dat bij veel mensen irritatie oproept en ervoor zorgt dat het imago van de wielrenner zelden warm of sympathiek wordt genoemd.
Toch zit er een opmerkelijke kant aan dit verhaal, want zodra het vrouwenwielrennen in beeld komt, verandert de toon bijna vanzelf. Waar eerst vooral ergernis de boventoon voerde, maakt die plaats voor bewondering en zelfs een beetje ontzag. Misschien komt het door de zichtbare toewijding, de pure kracht en het doorzettingsvermogen dat van het scherm spat wanneer deze rensters bergen trotseren, tegen de wind in beuken en elkaar tot het uiterste drijven in een strijd die zowel fysiek als mentaal alles vraagt. Er zit een elegantie in hun manier van koersen, een combinatie van strategie en samenwerking die laat zien dat wielrennen veel meer is dan simpelweg zo hard mogelijk trappen. Langzaam verschuift het perspectief: wat eerst een wat zonderlinge hobby leek, ontvouwt zich als een indrukwekkende topsport waarin discipline, teamgeest en karakter samenkomen. Je betrapt jezelf erop dat je langer blijft kijken dan gepland, dat je favorieten begint te herkennen en dat je respect groeit met elke kilometer die wordt afgelegd. Voor je het weet is die aanvankelijke weerstand verdwenen en heeft zich, ergens onderweg, een onverwakte zwakheid genesteld. Want eerlijk is eerlijk wanneer je er echt naar kijkt, is vrouwenwielrennen simpelweg een prachtige sport.
