Of hij even aan de kant wil gaan met zijn fiets zodat ze kunnen passeren met de auto? Het lijkt zo’n simpele vraag, bijna vanzelfsprekend in het verkeer waar iedereen een beetje rekening met elkaar probeert te houden en waar een klein gebaar vaak al genoeg is om een situatie soepel te laten verlopen. Ze rijden er inmiddels al een tijdje achter, in een smalle straat waar de huizen dicht op de weg staan en geparkeerde auto’s de ruimte nog verder beperken. Inhalen is hier onmogelijk en het tempo zakt langzaam maar zeker naar het ritme van de fietser voor hen. De bestuurder zucht hoorbaar, kijkt nog eens in de spiegel en probeert zijn geduld te bewaren, terwijl de bijrijder ondertussen opmerkt dat ze hier nog wel even kunnen blijven hangen als er niets verandert. Uiteindelijk besluit de bestuurder dat een klein signaal misschien helpt om duidelijk te maken dat ze er graag langs willen. Weet je wat, we gaan even toeteren, misschien helpt het en gaat hij eindelijk aan de kant zodat iedereen weer door kan rijden zonder gedoe, frustratie of onnodige vertraging. Het klinkt als een logisch plan, een simpele poging tot communicatie in het drukke verkeer.
Maar nee hoor, deze fietser is niet van plan om ook maar een stukje naar rechts te gaan of ruimte te maken voor het verkeer achter hem, alsof hij het getoeter juist interpreteert als een reden om nog koppiger zijn koers te houden. Sterker nog, hij lijkt extra bewust midden op de weg te blijven rijden, alsof hij een punt wil maken en wil laten zien dat hij zich niet laat opjagen of onder druk zetten door een auto achter hem. De situatie wordt steeds ongemakkelijker en de spanning in de auto loopt langzaam op terwijl de straat maar blijft doorlopen en de afstand tussen hen onveranderd blijft. De bestuurder haalt diep adem, twijfelt even of hij nogmaals moet toeteren, maar besluit het toch maar te laten en rustig te blijven volgen. En dan gebeurt er iets onverwachts: zonder dat de automobilist iets hoeft te doen of zelfs maar kan ingrijpen, krijgt de fietser uiteindelijk zijn verdiende loon en leert hij op een bijzondere en onverwachte manier dat koppigheid in het verkeer soms heel anders kan uitpakken dan je denkt, en dat een beetje meewerken soms een hoop ongemak had kunnen voorkomen.





